|
Caspar
Cillekens
MAASTRICHT - De Alliance Française vergadert morgen
in Maastricht. Op vruchtbare bodem? Hoe Frans is deze stad eigenlijk
nog? Het gaat slecht met het Frans in Maastricht. Café
Le Trait d'Union op de hoek Gubbelsstraat-Markt heet voortaan
kaffee 't Zwijntje. Het is niet de enige kaalslag onder de cafés
met een Franse naam in de binnenstad. De Patraque in de Platielstraat
heet al langer Van Bommel. Morgen houdt de Alliance Française,
de belangrijkste Franse culturele vereniging in Nederland, haar
jaarvergadering in de Maastrichtse Bonbonnière.
Hoe
Frans is Maastricht eigenlijk nog?
Veel
minder dan een eeuw geleden, toen iedere welgestelde Maastrichtse
burger meer Frans sprak dan Nederlands en op de klep van de brievenbussen
van zijn woning Lettres stond. De straten in de binnenstad hadden
nog Nederlands-Franse namen. Zoals de Kwadevliegenstraat. Die
heette in het Frans Rue de la vache volante (Straat van de vliegende
koe). Foutje van de
vertaler.
Hoe
Frans is Maastricht (nog)?
Ach,
de Waalse en de Franse bezoekers hoeven niet verweesd rond te
lopen in Maastricht. In de hotels, zo leert een korte rondgang
bij Le Guide, La Bergère en De Beaumont in stadsdeel Wyck,
spreekt zeker een kwart van de receptionistes redelijk tot goed
Frans. Bij Joosten Fromages et Vins aan de Wycker Brugstraat weet
Hanny in het Frans best wel te vertellen of de chèvre
jeune of vieux is, maar dan houdt het wel op. "Ik ben hier
niet aangenomen om Frans te praten, maar om kaas te verkopen.'
Aan
de overkant van de brug bij herenmodezaak Maison Louis in de Grote
Staat komen geregeld klanten uit Brussel en Wallonië. Het
personeel, zo zegt Wim Fischer, spreekt redelijk Frans. Achter
de toonbank hangt een levensgrote foto uit 1899, toen de zaak
twintig jaar bestond. Vêtements sur mesure, zo afficheerde
de zaak zich op de etalageruit. Reclame maken deed Maison Louis,
specialist in kleren op maat, in de krant zowel in het Frans als
het
Nederlands.
Op
en rond de Markt hoor je vrijdags meer Waals dan Maastrichts.
Zelfs de 'Hollandse' kooplui zijn op cursus Frans geweest. Bij
café 't Haantje - volgens kasteleinse Paula Weijzen de
"enige volkszaak met grensoverschrijdende uitstraling' -
spreekt men natuurlijk echt Waals.
Afgerekend wordt dan ook in ottante en nonnante (Waals voor tachtig
en negentig). Het terras en de café zitten elke vrijdagmorgen
bomvol met Walen.
Frans
praten gaat de doorsnee Maastrichtenaar nog wel redelijk af. Frans
lezen een stuk minder. Boekhandel Plantage/Bergmans heeft een
paar jaar geleden de afdeling met de Franse pockets gesloten.
Er was nauwelijks vraag naar Franse literatuur. Trouwens, zo vertelt
Paul Westerneng van de boekhandel, de Livres de Poche en de Folio
vergeelden binnen een mum van tijd. Niet echt bevorderlijk voor
de cultuuroverdracht. Het grappige is dat tegenwoordig Waalse
scholieren, die Nederlands leren, aan de hand van hun lijstjes
boeken van Hella Haase en andere Nederlandse schrijvers komen
kopen.
Schuin
tegenover bij Van Leest komen elke dag wel een paar klanten cd's
van Franse chansonniers kopen. Favoriet is nog altijd met stip
Charles Aznavour. Maar het zijn wel verwegend klanten van middelbare
en oudere leeftijd, zo zegt Luc Hameleers. Nee, de jeugd koopt
Engelstalige popmuziek of Latijns-Amerikaans.
De
belangstelling voor het Frans, zo bevestigen conrector Jo Joskin
van het Jeanne d'Arc College en zijn collega René Corten
van het St. Maartenscollege, is sinds de invoering van het studiehuis
dramatisch gekelderd. Op het Jeanne d'Arc koos in het mammoetsysteem
vijftig tot zestig procent voor Frans als eindexamen. Het Jeanne
d'Arc stimuleerde de keuze van het Frans sterk. Dit jaar koos
een kwart van de eindexamenandi vwo voor Frans. Op het St. Maartens
kiezen de leerlingen meer voor het Frans dan Duits onder het motto:
Duits kennen we toch wel, Frans geeft wat meer verbreding.
Winy
van Berkel, voorzitter van de Maastrichtse afdeling van de Alliance
Française, is optimistisch over de toekomst van 'haar'
club. Het ledental stijgt gestaag. Er komen ook weer jongeren
bij. Jammer toch, verzucht ze, dat het vak Frans op de middelbare
scholen zoveel terrein verloren heeft.
Ook
in het Mestreechs is het Frans op zijn retour. Sommige woorden,
zo legt dialectdeskundige Flor Aarts uit, worden niet meer gebruikt.
Passé zijn onder meer facteur (postbode) en koerazjeus
(moedig). Nog wel gebruikt worden ambras (drukte), kompleminte
(groeten), boezjere (bewegen), appetiet (eetlust), gazet (krant),
sjevraoj (rilling, verbasterd Maastrichts van chaud en froid)
en astrant (brutaal).
En
natuurlijk allebonneur (goed zo).
|